Vervangende locatie onderdeel toets minnelijk overleg

Uitgangspunt is schadeloosstelling in geld, maar een vervangende locatie of andere oplossingen kunnen wel degelijk aan de orde komen in het kader van de toetsing van het minnelijk overleg. De Kroon heeft dit nog eens helder verwoord in het KB Rondweg Voorst.

 

Werk waarvoor onteigend wordt

Provinciale Staten van Gelderland hebben de Kroon verzocht om gronden ter onteigening aan te wijzen ten behoeve van de realisatie van een omleiding van de N345 om de bebouwde kom van Voorst.

 

Verzoek om vervangende locatie

Onder meer eigenaren van te onteigenen gronden hadden meermaals te kennen gegeven dat het moeilijk is en blijft om een passende vervangende woning in eigendom te verwerven. Zij hebben daartoe zelf onderzoek gedaan, maar ook de provincie gevraagd om mee te denken. Ze vragen zich af of de provincie in dit verband voldoende inspanningen heeft verricht om de inzet van het onteigeningsmiddel te rechtvaardigen.

 

Toetsingskader minnelijk overleg

De Kroon stelt voorop dat de Onteigeningswet de verzoeker niet verplicht tot schadeloosstelling in de vorm van compensatiegrond, een vervangende woning of andere oplossingen. Uitgangspunt is dat de Onteigeningswet de belanghebbenden een volledige schadeloosstelling in geld waarborgt. De mogelijkheden tot schadeloosstelling in een andere vorm dan geld zullen langs minnelijke weg en veelal in samenwerking met andere overheden, dan wel eventueel met particuliere eigenaren van gronden bezien moeten worden. Desondanks, zo benadrukt de Kroon, kunnen vragen om een vervangende locatie of andere oplossingen aan de orde komen in het kader van de toetsing van het gevoerde minnelijk overleg over de verwerving van de benodigde gronden. Indien een belanghebbende in het minnelijk overleg duidelijk maakt de voorkeur te geven aan een vervangende woning of een andere oplossing, moet de verzoeker onderzoeken of hieraan tegemoet gekomen kan worden. Omdat onteigening een uiterste middel is, is de noodzaak tot onteigening mede afhankelijk van de wijze waarop dat minnelijk overleg is en zal verlopen. Deze overwegingen komen grotendeels overeen met de overwegingen hieromtrent in het KB Kolenbranderweg Haaksbergen, waarover wij ook op dit onteigeningsblog schreven.

 

Minnelijk overleg leidt voorlopig niet tot vrijwillige overdracht

In dit geval had de verzoeker op verschillende beschikbare woningen gewezen die niet voldeden aan de specifieke wensen en voorwaarden van reclamanten. Een vervangende locatie die daaraan wel voldeed, had verzoeker echter niet beschikbaar en heeft die (dus) ook niet kunnen aanbieden. De Kroon oordeelt dat ten tijde van het verzoekbesluit voldoende aannemelijk was dat het minnelijk overleg voorlopig niet tot vrijwillige eigendomsoverdracht zou leiden. In dat licht mocht verzoeker dan ook overgaan tot de start van de administratieve onteigeningsprocedure, aldus de Kroon.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.